Informatie

Frans Denkers kiest zijn modellen. Zorgvuldig en geleid door een artistiek en bezield oog. En daarna kiest hij de houding waarin hij zijn model schildert, de ambiance waarin het zich bevindt, de kleurstellingen en de eventuele attributen die haar of hem omringen. Het samenspel dat deze aspecten aangaan, levert schilderijen op die voor de toeschouwer enerzijds een vertrouwd beeld schenken, maar anderzijds een intrigerend vragenspel oproepen. Vertrouwd omdat verschillende doeken beantwoorden aan een bekend canon van de portretschilderkunst. Beroemde portretten zoals van die van Raphaël, Breitner of Kees van Dongen kunnen in herinnering komen. Maar daarnaast en daarenboven roepen de werken van Denkers een vervreemding op, een vervreemding die de toeschouwer langer laat kijken. De sfeer van het werk die opgeroepen wordt door de houdingen van de geportretteerden, hun blikken, de kleurstellingen en attributen, doen een achterliggende werkelijkheid vermoeden die wij menen te herkennen, maar  die wij niet direct, en zeker niet eenduidig kunnen benoemen.

Frans Denkers schildert vragen en verlangens, verleiding en onbevangenheid, uitdaging en onzekerheid, angst en ontroering. Emoties die elk mens kent en kan herkennen, maar waar zelden werkelijk greep op te krijgen is; de beheersbaarheid van ons leven wordt erdoor op de helling gezet. De raadselachtigheid van het wezen mens schildert Denkers en om ons uit te nodigen ernaar te kijken of om deze te ontdekken, biedt hij ons de schijnbaar vertrouwde beelden van het portret. Achter die vertrouwdheid ligt het meest wezenlijke van de mens, en dat in beeld brengen is de grootste uitdaging van de kunstenaar.
Bezieling, herinnering, bevestiging, de eerder genoemde uitgangspunten van de portretschilders van het verleden, het blijken archetypische gegevens waarmee heden en verleden samenvallen.

En hierin komen wij de schilder tegen. En wellicht onszelf.

 

Marike van der Knaap, kunsthistoricus
’s-Hertogenbosch, september 2009